JMW-hulpverleners ter plekke

De maatschappelijk werkers van JMW hebben als professionele hulpverleners direct te maken met de opvang van Oekraïners in Amstelveen. Ze waren er vanaf het begin bij toen de eerste groep Joodse vluchtelingen aankwam in het Ibis-hotel. En ze houden nog steeds drie dagen per week spreekuur in het naburige Adagio hotel. Daar zijn nu veel grotere aantallen Joodse- en niet-Joodse Oekraïners aangekomen. Het kan soms een zware, emotionele, belasting zijn.

In de lobby van het Adagio is het een constant komen en gaan. Het is de plek waar de Oekraïense vluchtelingen de mensen kunnen vinden van JMW en partnerorganisaties als Participe, Vluchtelingenwerk en de gemeente Amstelveen. Er is ook een medisch aanspreekpunt, een soort huisartsenpost. Zoals een sjiek hotel betaamt, staat er een prima koffiemachine en er hangt een informatiescherm. Daarop staan echter geen toeristische tips, maar praktische informatie voor de Oekraïense nieuwkomers.

Taalbarrière

Kate Gordon is een van de maatschappelijk werkers die spreekuur houden in de lobby, hoewel ze soms uitwijkt naar een stillere plek als er gevoeliger onderwerpen besproken worden. Ze spreekt Russisch, wat door de meeste Oekraïners in Nederland ook begrepen wordt, waardoor ze constant wordt aangesproken. Communicatie is immers een van de grootste obstakels in de hulpverlening, legt ze uit. De meeste vluchtelingen spreken geen Engels.

“Google Translate helpt alleen maar voor hele simpele vraagstukken,” lacht Kate. Voor alles is verder een vertaler nodig, als die er niet is, ‘stagneert de hulpverlening’. Dat wekt onbegrip en is heel frustrerend voor de Oekraïners. Vaak moet er complexe medische of technische informatie worden uitgewisseld waarmee zelfs niet iedere vertaler overweg kan.

“Er waren mensen die alleen de kleding hadden die ze aanhadden.”

In het begin was het alle hens aan dek, herinnert haar collega Esther Scholtens zich. Esther kwam terug van vakantie aan het begin van de Oekraïne-oorlog en werd meteen ingezet. “Kate was er alleen, het was heel druk en iemand moest er naartoe, dus ik zei: ‘Ik ga’.” Wat ze aantrof was een totaal ontredderde groep mensen. “Er waren mensen die alleen de kleding hadden die ze aanhadden. Dan moet je een soort primaire hulpverlening doen.”

Crisishulpverlening

Esti Cohen is teamleider van de maatschappelijk werkers bij JMW en helpt de opvang te coördineren. Ze benadrukt hoe anders het werk in deze crisis is dan wat de maatschappelijk werkers normaal gewend zijn. “Dit is crisishulpverlening en dat is iets heel anders dan gewone hulpverlening. Crisishulpverlening gaat over basisdingen zoals tandpasta, broeken, schoenen en shampoo. Daar ging het om in de eerste periode, echt basisbehoeftes die er in het begin niet waren, met het idee om de vluchtelingen tot rust te laten komen.”

“Ze willen snel door met hun leven.”

Kate heeft gemerkt dat de vragen aan haar in de loop der tijd veranderd zijn. “De meesten vragen zich nu af wat er gaat gebeuren, wat ga ik met mijn leven doen? Ze willen snel door met hun leven en er heerst grote onzekerheid.”

Esther komt dat ook tegen en de maatschappelijk werkers adviseren de mensen het rustig aan te doen. “Denk niet te veel na over de verre toekomst, dat kan niet. Je bent veel te veel afhankelijk van de omstandigheden. Leef een beetje bij de dag en zorg dat je dag in ieder geval structuur heeft.”

Tweede Wereldoorlog

Esti wijst op de zware belasting voor de maatschappelijk werkers, zeker waar het de echo’s van de Tweede Wereldoorlog betreft. Ze hebben in hun gewone werk al de verhalen gehoord van de eerste generatie oorlogsoverlevenden. Nu komen daar de verhalen bovenop van weer een nieuwe generatie die oorlog meemaakt.

“Het is hard werken voor de maatschappelijk werker om dat zelf te verwerken en te zeggen: het gaat niet om mij, het gaat om de ander. Om grenzen te trekken en zichzelf goed te verzorgen. Dat doe je door intervisiegesprekken, praten met collega’s, daar is een systeem voor.”

De echo van de Tweede Wereldoorlog is ook een aanmoediging om iets te doen, zegt Esther. “Ik ben ook blij dat ik iets kan doen. Ik blij dat ik kan helpen en dat ik het ook nog kan doen via mijn werk, dat is echt mooi.”

Klik hier om terug te gaan naar de overzichtspagina.