Roofkunst zoekt eigenaar

Kunstdepot van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, foto uit de voortgangsrapportage
Geschreven op: 27-03-2024
Delen:

TEKST DANIËL METZ
Een tekening van de Schreierstoren in Amsterdam, een zilveren jad (aanwijshandje voor het lezen van de tora) en een Empire klokje uit 1840, uitgevoerd in albast, koper en mahonie. Het zijn slechts enkele objecten die te vinden zijn op een website met in de Tweede Wereldoorlog geroofde of geconfisqueerde kunst. Nog 3.275 objecten zijn op zoek naar hun rechtmatige eigenaar, volgens het lopende herkomstonderzoek van de overheid.

In een depot in Amersfoort hangen en liggen duizenden ‘verweesde’ kunstvoorwerpen met een besmet verleden. Het is het restant van nog veel meer schilderijen, meubels en andere kunstuitingen die in de oorlog uit huizen zijn geroofd, ingeleverd bij de Liro roofbank, of al dan niet onder dwang verkocht in de handel. Een deel daarvan is aan het eind van de oorlog teruggevonden in Duitsland en naar Nederland gerecupereerd. Daar zijn de objecten ondergebracht in de collectie Nederlands Kunstbezit, afgekort tot NK-collectie.
Na de oorlog konden claims van vermiste eigendommen worden ingediend. Op basis daarvan zijn veel voorwerpen teruggegeven aan de oorspronkelijke eigenaren. Maar niet alles kon worden herleid tot een eigenaar. In veel gevallen waren zij, of hun erfgenamen, niet meer in leven. Ook bleek het uiterst moeilijk om zonder goede documentatie eigenaarschap of onrechtmatige verkoop aan te tonen.

Onderzoek verricht
In de periode 1998-2007 heeft het Bureau Herkomst Gezocht onderzoek verricht naar de zich nog in depot bevindende objecten. Dat heeft tot nieuwe teruggaven geleid. Daarna bleef de vraag wat te doen met het restant van ongeveer 3.275 cultuurgoederen. In 2009 is bovendien aan 163 musea gevraagd de eigen collecties door te lichten, op zoek naar objecten die een verdachte herkomst hebben. Dat leverde nog eens 172 stukken op.
In 2020 is door de Raad van Cultuur het adviesrapport Streven naar rechtvaardigheid gepresenteerd. Het document is gebaseerd op de Washington Principles on Nazi-Confiscated Art uit 1998, waarin overheden een moreel-ethische verplichting wordt toegeschreven gericht op restitutie van roofkunst, of het realiseren van alternatieve oplossingen. Om hier gevolg aan te geven heeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) de opdracht gekregen het herkomstonderzoek naar de NK-collectie een nieuwe impuls te geven. Bijzonder ten opzichte van eerdere pogingen is dat
de onderzoeksinspanning om tot een sluitende casus te komen nu bij de overheid ligt. Bovendien is de periodisering verruimd naar 1933-1945, waardoor ook bedenkelijke transacties in de aanloop naar de bezetting kunnen worden meegenomen.

Website
Op de website wo2.collectienederland.nl zijn alle objecten uit de NK-collectie te vinden, veelal geïllustreerd met foto’s en bekende informatie over de herkomst van de werken. Deze website wordt steeds aangevuld met nieuwe kennis en nieuwe foto’s. Het betreft vooral schilderijen, meubels en Oosterse tapijten, maar ook veel christelijke relieken en aardewerk. Niet alles is van buitengewone kwaliteit, maar er is veel moois te bewonderen, waaronder werk van Van Goyen, Flink, Toorop, Kandinsky en zelfs een Rembrandt. De onderzoekers zeggen dat het niet alleen maar om roofkunst gaat. Van een deel is intussen aangetoond dat de herkomst “niet verdacht” is. Over een groot deel bestaat nog onzekerheid.

Verzoek om teruggave indienen
Via een link op de site kan een restitutieverzoek worden ingediend. De RCE zal dan in overleg met de indiener nagaan in hoeverre de herkomst getraceerd kan worden. Ook kunstwerken die geen eigendom zijn van de Staat kan iemand terugvragen of laten onderzoeken. Dat moet wel samen met de huidige eigenaar, vaak een gemeente of een museum. Een opgebouwd dossier wordt vervolgens ter beoordeling voorgelegd aan de restitutiecommissie, een onafhankelijk adviesorgaan, dat zich laat informeren door het Expertisecentrum Restitutie Cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog dat is ondergebracht bij het NIOD. Om het publiek te informeren heeft de RCE een magazine uitgebracht met uitgebreide informatie over het onderzoek.
Het geïntensiveerde herkomstonderzoek dat de RCE uitvoert loopt tot eind 2025. In dit traject staat de RCE in nauw contact met het Centraal Joods Overleg (CJO), als vertegenwoordiger van de Joodse gemeenschap in Nederland. Het CJO wordt geïnformeerd over de voortgang en denkt mee over een oplossing voor de objecten die uiteindelijk geen eigenaar vinden. Een mogelijkheid bestaat dat de verweesde objecten worden overgedragen aan de Joodse gemeenschap. Het CJO bezint zich op het onderbrengen en beheren van een dergelijke kunstcollectie. Verkopen is niet hun eerste ambitie. Ze denken eerder aan een reizende expositie om de gevolgen van antisemitisme onder de aandacht te brengen. •
Meer informatie op www.herkomstgezocht.nl en zie het magazine over het herkomstonderzoek: http://tinyurl.com/cultureelerfgoed.nlonderzoeker.

Ontvang updates van Benjamin online

Via de email updates over nieuwe artikelen van de Benjamin online ontvangen? Laat je mailadres achter.
* Vereist veld

Ontvang Benjamin alerts zodra er wat nieuws geplaatst is.




Blijf op de hoogte

Ontvang de tweewekelijkse nieuwsbrief van JMW in je mailbox
Ja, ik wil mij aanmelden